Aannames over mensen en doelgroepen spelen onbewust een rol bij onderzoek en dienstverlening. Check of je aannames over je doelgroep kloppen.

Aanleiding

De Dienst Publiek en Communicatie (DPC) van het ministerie van Algemene Zaken vraagt zich af hoe mensen met een bi-culturele achtergrond denken over scheiden en uit elkaar gaan. Welke informatiebehoefte hebben zij in deze situatie? Hoe kan de informatie van de Rijksoverheid daarop beter aansluiten? In eerdere onderzoeken naar trouwen en uit elkaar gaan, waren bi-culturele Nederlanders ondervertegenwoordigd. De onderzoekers bij DPC vragen zich af of onderzoek onder deze specifiek groep andere inzichten oplevert.  Hogeschool Inholland zocht het voor DPC uit.

Gekozen aanpak

De onderzoekers van Inholland kiezen voor een ontwerpaanpak, ook wel ‘designaanpak’ genoemd. Hierin verkennen en ontwikkelen de onderzoekers samen met de direct betrokkenen welke perspectieven er zijn op scheiden en uit elkaar gaan. Ook zijn er samen oplossingen met elkaar bedacht. In dit geval gaat het dus om een samenwerking tussen onderzoekers en mensen met een bi-culturele achtergrond.

Is dit de juiste aanpak?

Ja. Deze aanpak toetst de aannames van communicatieprofessionals en onderzoekers continue en levert concrete kennis op over culturele factoren. Dat helpt bij het verbeteren van de informatie en dienstverlening over scheiden en uit elkaar gaan.

Dit is er gedaan: aansluiten bij de leefwereld

Hogeschool InHolland heeft veel ervaring met onderzoek onder bi-culturele Nederlanders en beschikt over een omvangrijk netwerk dat ingezet kan worden. Gedurende het hele traject sluit het onderzoek zoveel mogelijk aan bij de leefwereld van de mensen om wie het gaat.

Gezamenlijk het probleem verkennen:

De volgende stappen zijn gezet om met elkaar duidelijk te krijgen of en welke culturele aspecten een rol spelen bij scheiden en uit elkaar gaan:

Stap 1:

Om zich (nog meer) te verdiepen in de diverse culturele achtergronden en het onderwerp scheiden en uit elkaar gaan, deden de onderzoekers van de Hogeschool InHolland eerst deskresearch.

Stap 2:

Vervolgens wierven de onderzoekers respondenten via een sneeuwbalmethode. Eerst experts (onder meer een huisarts, een religieuze voorganger en een advocaat) en ervaringsdeskundigen (onder meer Surinaams, Hindoestaans, Marokkaans). De onderzoekers interviewden experts en ervaringsdeskundigen over scheiden en uit elkaar gaan. De gesprekken gingen over drie zaken. Allereerst over percepties van scheiden en uit elkaar gaan. Daarna ging het over plaatsen waar mensen met een bi-culturele achtergrond informatie en hulp zoeken bij levensgebeurtenissen als deze. Daarna kwam de informatie over scheiden en uit elkaar op Rijksoverheid.nl aan de orde en is de geïnterviewden om feedback hierop gevraagd.    

Stap 3:

Vervolgens organiseerden de onderzoekers vijf sessies met mensen met een bi-culturele achtergrond (één Surinaams-Antilliaanse groep, één Turkse vrouwengroep en drie Marokkaanse vrouwengroepen).  Onderzoekers met een bi-culturele achtergrond leidden de sessies. Respondenten maakten in de sessies een levenslijn, waardoor gebeurtenissen naar boven kwamen die hen hebben gevormd en die (mede) bepalen hoe ze aankijken tegen scheiden en uit elkaar gaan.  De opzet van de focusgroepen is te vinden in paragraaf 2.2 van het eindrapport Scheiden en uit elkaar gaan.

Samen oplossingen bedenken

Stap 4:

Tot slot vond een co-creatiesessie plaats met onderzoekers en vertegenwoordigers van zelfhulporganisaties, zoals Nisa for Nisa en Moederskracht, en buurtteams als Daadkracht. In deze co-creatiesessie is met elkaar, op basis van alle eerder opgehaalde inzichten, een aantal oplossingsrichtingen bedacht. In deze oplossingsrichtingen zitten adviezen waarmee de informatie van de Rijksoverheid over scheiden en uit elkaar gaan verbeterd kan worden. Verder bleek dat de zelfhulporganisaties graag met de overheid willen optrekken om hun achterban te ondersteunen, zij kunnen de rol als sleutelfiguur heel goed vervullen. Daarnaast werd duidelijk dat de Rijksoverheid op (te) grote afstand staat van lokale hulpverleners. Hulpverleners worden te weinig  gezien en gehoord. Dat is een gemiste kans. Zij hebben een directe link met mensen die moeilijk bereikbaar zijn voor de overheid én veel expertise als het gaat om cultureel sensitief werken.

Wat levert het op: concrete perspectieven en praktische tips

Deze ontwerpaanpak leverde vier oplossingsrichtingen op om de communicatie over scheiden en uit elkaar gaan te verbeteren voor mensen met een bi-culturele achtergrond. Dat waren:

  • een fysiek en online loket waar mensen zich kunnen informeren over scheiden en uit elkaar gaan;
  • een voorlichtingsmodule gemaakt en georganiseerd door zowel informele als formele organisaties;
  • voorlichting over scheiden en uit elkaar gaan op scholen en op markten;
  • een toolkit met preventieve informatie over rechten, plichten en procedures.

Dit kun je zelf doen

Dit project levert waardevolle inzichten op over hoe je de mensen waarom het om gaat in het onderzoek, in dit geval bi-culturele Nederlanders, zo goed mogelijk kan betrekken bij zowel de probleemverkenning als het zoeken naar oplossingen. Door steeds zo goed mogelijk aan te sluiten bij de leefwereld van de mensen waar het in het onderzoek om gaat:  

  • Bij de werving gaven respondenten aan dat zij voor hun deelname aan het onderzoek graag kennis en betrokkenheid terugkregen.  Zij wilden geen geld of vergoeding voor deelname, maar een uitgebreide terugkoppeling van resultaten en ze wilden betrokken worden bij de uitwerking van de oplossingen.  
  • De focusgroepen verliepen anders dan ‘een standaard’ focusgroep: er was geen gestructureerde gespreksleidraad; eten tijdens de sessies was een vast onderdeel van het samenzijn en werkte verbindend. Hierdoor werd een fijne sfeer gecreëerd waardoor mensen zich veilig voelden om zich te uiten.
  • Onderzoekers met een bi-culturele achtergrond zijn nodig om de sessies te begeleiden: zij kunnen makkelijk contact maken met deelnemers, omdat zij hun leefwereld al goed kennen. Zij kennen de onderlinge gewoonten en omgangsvormen.
  • De gesprekken en sessies vonden plaats op locaties van de zelfhulporganisaties. De inzet van een neutrale tussenpersoon bleek daarbij cruciaal. Een schakel tussen de wereld van de overheid (processen en procedures) en de leefwereld van mensen is van grote meerwaarde, vooral gezien het wantrouwen en de angst richting de overheid die er soms was.