Betrek respondenten niet alleen bij de verkenning van je probleem, maar ook bij het formuleren van oplossingen. Co-creatie is hier een goede methode voor.

Aanleiding

In de hersteloperatie Toeslagenaffaire draait het niet alleen om financiële compensatie. Het gaat ook om ‘maatschappelijk herstel’, dat is herstel van de relatie tussen gedupeerden, de maatschappij en de overheid. Maar wat houdt dat in volgens gedupeerde ouders en inwoners? En wat moet er gebeuren om hieraan te kunnen werken? Het ministerie van Financiën onderzocht dit met co-creatie.

De gekozen aanpak: co-creatie

Gedupeerde ouders, overige inwoners en ambtenaren (van het Rijk en gemeenten) definieerden samen wat zij verstaan onder ‘maatschappelijk herstel’ en werkten samen in overleg oplossingen uit. De samenwerking vond plaats tijdens co-creatiebijeenkomsten.

Wat maakt dit onderzoek inclusief?

Voor gedupeerde ouders is gehoord en gezien worden cruciaal, zo bleek uit eerdere onderzoeken. Dit geldt ook voor overige inwoners die het vertrouwen in de overheid zijn kwijtgeraakt. Door de persoonlijke kennismaking en de samenwerking binnen dit co-creatie project voelden ze zich meer gehoord en begrepen.

Dit is er gedaan: co-creëren

Vrij snel achter elkaar zijn er meerdere stappen gezet. Eind 2023 en begin 2024 is in online community’s gezocht naar aanknopingspunten én deelnemers voor de co-creatiesessies. Van april tot mei 2024 zijn de co-creatiesessies gehouden. Na de zomer zijn er nog twee sessies georganiseerd om de resultaten met de deelnemers te bespreken. Marktonderzoeksbureau MWM2 voerde het onderzoek. Bekijk voor details en resultaten het rapport Denk mee maatschappelijk herstel).

Stappen voor co-creatie

Stap 1

In de Denk Mee Herstel-community van het ministerie van Financiën is aan gedupeerde ouders gevraagd hoe zij denken over maatschappelijk herstel. Dezelfde vraag is voorgelegd aan overige inwoners, in de rijksbrede onderzoekscommunity Nederland Denkt Mee. In beide community’s verzamelden onderzoekers aanknopingspunten voor de co-creatie met een zogenoemde ‘staircase’: een vragenlijst waarbij ze op iedere vraag konden doorvragen. Ook gebruikten ze de community’s om deelnemers voor de co-creatie te werven. Landelijke spreiding was daarbij een belangrijk criterium.  

 Stap 2

De thema’s en behoeften uit de community’s waren het startpunt van 8 co-creatiesessies (6 fysiek en 2 online). Hieraan deden 26 gedupeerde ouders, 16 overige inwoners, 8 rijksambtenaren en 7 gemeenteambtenaren mee. Zij bespraken op welke manier de maatschappij beschadigd is en hoe het herstel er zou kunnen uitzien. Om de drempel voor deelname te verlagen, werden de bijeenkomsten gehouden op ‘zachte’ en neutrale locaties. Dat wil zeggen: geen kantoorgebouwen, maar kleinschalige en laagdrempelige locaties met een warme en huiselijke sfeer.   

Stap 3

Het onderzoeksbureau analyseerde de resultaten uit de eerste twee stappen en schreef er het rapport Denk mee maatschappelijk herstel) over. Dit bevatte de ideeën die kunnen bijdragen aan maatschappelijk herstel. 

Stap 4

In de tweede helft van 2024 vonden nog twee co-creatiesessies plaats. Ouders werkten aan de hand van 13 vragen thema’s en ideeën uit eerdere sessies uit tot praktische en uitvoeringsgerichte plannen. Ze schreven op deze manier letterlijk mee aan het projectplan, waardoor ze onderdeel werden van het verbeterproces.   

Wat levert het op: écht gezien en gehoord worden

De deelnemers (gedupeerde ouders en overige inwoners) stelden de co-creatiebijeenkomsten op prijs. Zij voelden zich voor het eerst echt gezien en gehoord en vonden het goed om ‘de overheid’ in de ogen te kijken. Zo zagen zij de mens achter ‘het systeem’. De ambtenaren kregen op hun beurt meer inzicht in de leefwereld van de inwoners. Door dit wederzijdse begrip ontstond er een ‘safe space’.  

Ook was het voor de ouders prettig om lotgenoten te ontmoeten. De dialoog had tot op zekere hoogte voor alle deelnemers een ‘helend’ effect. Het feit dat ze zich serieus genomen voelden, zou volgens hen op termijn kunnen bijdragen aan herstel van vertrouwen in de overheid.        

Dit kun je zelf doen

Wil je bij co-creatie je positieve resultaat vasthouden? Zorg dan voor terugkoppeling en opvolging. Zo voorkom je dat er bij de deelnemers een gevoel van ‘zinloosheid’ ontstaat of het gevoel ‘gebruikt’ te zijn. Laat hen dus altijd weten wat de inzichten waren. En beantwoord vervolgens samen de cruciale vraag: wat gaat de overheid ermee doen?